Hoofdmenu
Fokker
Koolhoven
Overige
| Koolhoven FK.58 |
|
|
|
| Geschreven door J.M. Grisnich |
| zaterdag, 19 december 2009 11:29 |
|
De Koolhoven FK.58 was een jager die door Koolhoven ontworpen werd, omdat de situatie in de wereld begon te spannen. Hij had al in geen jaren meer een jager van formaat gebouwd, maar wilde het toch weer eens gaan proberen. Vanuit Frankrijk werd hem dat gevraagd en begon vol goede moed aan een nieuwe jager. Hij werd daarbij geholpen doordat Erich Schatski, die bij Fokker was weggegaan, een jager ontwierp die wel wat leek op de Focke Wulf Fw 190.
De jager was een formidabel ontwerp. Op 17 juli 1938 maakte het haar eerste vlucht en alles leek veelbelovend. Allerlei nieuwe staaltjes van vliegtuigbouw werden er in toegepast. Het is net zoals 'Het Vliegveld' het over de FK.58 heeft: "De Koolhovenfabriek heeft bijzonder rekening gehouden met de eisen, dat een modern gevechtsvliegtuig naast een zeer goede gevechtswaarde, gemakkelijk te hanteren moet zijn vooral ook door die piloten, die in het steeds moeilijker wordende vliegvak minder bedreven zijn." Een bijzonder handelbaar vliegtuig dus en, in strijd met bijvoorbeeld de FK.51, ook nog een goed vliegtuig.
De jager was bijna Fokker-achtig opgebouwd. Het had een frame van stalen buizen die bekleed waren met gedeeltelijk staal, gedeeltelijk linnen. De vleugels waren uit een stuk gebouwd en was geheel van hout. Onder de vleugel werd een pot aangebracht met twee FN 7.5 mm Browning mitrailleurs. Er waren wel wat kinderziekten met de FK.58. Op een van de eerste paar proefvluchten, bleek het onderstel niet uit te willen en na het nodige stuntwerk en het trekken van g's maakte de bestuurder uit de gebaren van de kijkers op het veld op dat beide poten toch uit waren. In de uitloop begon het vliegtuig echter toch weg te zakken maar gelukkig lag er een molshoop op het veld en bij de botsing van het wiel daarmee schoot de wielpoot in de 'lock'.
De Franse Armee L'Air zag wel wat in de FK.58 en bestelde in januari 1939 een serie van 50 stuks. Koolhoven kreeg een order van formaat wat niet vaak in de achterliggende jaren was voorgekomen. Door het wapenembargo werden ze met civiele Nederlandse kentekens aan Frankrijk geleverd. Zeker 18 van de bestelde 50 Koolhovens zijn daadwerkelijk in Frankrijk terechtgekomen en hebben daar meegedaan in de strijd om Frankrijk.
De Nederlandse LVA was ook op zoek naar een jager en bestelde in Amerika Curtiss Hawk Interceptors, maar keek ook binnen de grenzen naar een goede verdedigingsjager. Daar viel het oog op de Koolhovenfabriek en ook op de FK.58. De Nederlandse regering vond de FK.58 geen geweldig toestel, het leverde volgens hen te weinig prestaties. Zo was de snelheid met een Bristol Taurus motor hoog, maar die waren niet meer voor handen. Verder was tijdens een proefvlucht de rompbekleding bij de staart ingedrukt.
Kortom, er moest nog veel veranderen voordat de FK.58 aan de Nederlandse wensen voldeed. Koolhoven versterkte hierop het buizenframe en het indrukken van de bekleding kwam niet meer voor. Het was echter al eind 1939 en op de Bristol Taurus motor was een exportembargo opgelegd. De Koolhoven FK.58 voor de M.L. moest daarom worden uitgerust met de Bristol Mercury VIII, de reservemotoren van de Fokker D.XXI en G.1. In mei(!) 1940 werden er 36 stuks besteld, waarvan er geen een meer heeft gevlogen bij de Nederlandse M.L.
In januari 1940 werden de afgeleverde Koolhoven FK.58 toestellen door de Fransen aan Nederland aangeboden…
Het is niet bekend of er nog Koolhovens vanuit Frankrijk de oorlog hebben overleefd. De exemplaren die bij Sabca in België werden gebouwd hebben de oorlog niet overleefd, net zomin de FK.58's die nog bij Koolhoven gebouwd werden. Helaas is hier een einde gekomen aan een van de succesvolste Koolhoven ontwerpen.
Er worden twee soorten Koolhoven FK.58's onderscheiden. De prototypen worden aangeduid als FK.58A en de geëxporteerde Koolhovens worden aangeduid als FK.58B. In de technische gegevens zit er verschil tussen de typen. Het staat aangegeven, welk gegeven bij welk type hoort. |






Koolhoven FK.58

